‘Ik vertrouw het niet.’
Dat was de gedachte die ik had bij een fietstocht, al weer enkele jaren gelden door het Zeeuwse landschap. Na uren fietsen zag ik nog steeds dezelfde kerktoren, dan weer eens rechts, dan weer links aan de horizon.
Hetzelfde wantrouwen overviel me toen ik met een vriendin naar Noord Groningen reed. Voor haar een ‘trip to memory lane’, voor mij een ware verzoeking. Die zwarte klei, die eindeloze, winderige akkers en dat geploeg, brrr... Terwijl zij aan het genieten was stapelde de donkere wolken zich in mijn hoofd samen en was ik in staat om de auto met een vaartje van 120 tot stilstand te brengen bij de eerstvolgende knotwilg. En die waren er genoeg.
Het Nederlandse landschap is verraderlijk, het lijkt zo plat en overzichtelijk, maar het is net zo onbestemd en vol gevaren als de hoogste bergen. Het landschap wordt namelijk bewoond door mensen die dat platte land aan hun wil hebben onderworpen. En wie zijn die mensen? Bange mensen, angstige bewoners van deze rivierendelta, die vrezen dat jeugdige asielzoekers met drommen tegelijk ons vlakke land komen bestormen als we ook maar greintje compassie tonen met hun lot. Mensen die alles wat in de afgelopen eeuwen opgebouwd is aan cultuur wegzetten als ‘linkse hobby’. Mensen die uit onvrede zichzelf volvreten in de koopgoot. Het land mag dan overzichtelijk zijn, het gedrag van de bewoners is net zo grillig en onberekenbaar als een woest berglandschap.
Daarom houd ik zo van bergen, geef mij een heuvel en ik leef helemaal op. Hier klopt het tenminste! Nee, je weet niet wat er aan de andere kant van de volgende berg ligt en ja, om de bocht kan een verraderlijk ravijn het einde betekenen, heerlijk! En het klopt ook zo goed met het gedrag van de mensen! In de Roemeense Karpaten zijn ze heerlijk gastvrij en zo corrupt als de neten, Zwitserland heeft natuurlijk het hoogste aantal zelfmoorden van West Europa en in de Kaukasus liggen ze al decennia met elkaar overhoop.
Voor mij vertegenwoordigen de bergen het ultieme van het menselijk bestaan; we weten het niet. Het leven is onberekenbaar, fragiel, mysterieus en majestueus tegelijkertijd.
Dat is het verraad van dit vlakke land; doordat de horizon zich aan alle kanten kilometers lang uitstrekt denken we het overzicht te hebben en denken we het te weten. Vergeet het maar.
